Interview met Geert Vromman
CEO van CROPLAND, vooruitblik op 2026
Om het jaar af te trappen, vroegen we onze CEO, Geert Vromman, om zijn perspectief te delen. In dit diepgaande interview reflecteert hij op het momentum dat AI in 2025 heeft opgebouwd en wat de volgende stap is voor kleine en middelgrote ondernemingen.
Geert spreekt over de verschuiving van experimenteren naar structuur, waarom AI-agents eindelijk klaar zijn om echte productiviteitswinst te leveren, en hoe conversationele AI workflows betreedt via zowel chat als spraak. Hij kaart ook een terugkerend blinde vlek aan: te veel leiders zien AI nog steeds als een technologische toevoeging, terwijl het in werkelijkheid een organisatorische verschuiving is die zwakke processen, verspreide data en ontbrekende governance blootlegt.
Naast AI-strategie deelt Geert ook zijn persoonlijke visie voor CROPLAND, wat hem drijft in zijn rol als CEO, en waarom hij gelooft dat vertrouwen en langetermijndenken de echte digitale transformatie in de komende jaren zullen definiëren.
Voor iedereen die in 2026 de stap van pilot naar productie wil zetten, is dit verplichte kost.
Wat ziet u als de grootste kans voor kmo’s die in 2026 met AI werken?
“In mijn optiek was 2025 het jaar waarin AI echt mainstream werd. Voor sommigen betekende dat een eerste trainingsdag; voor anderen was het de uitrol van betaalde Copilots of tools zoals ChatGPT en Gemini naar geselecteerde teams. Vandaag de dag is het zeldzaam om een bedrijf te vinden dat nog vanaf nul moet beginnen.
De echte kans in 2026 ligt in grootschalige implementatie, het structureel inzetten van Copilots om teams sneller, scherper en efficiënter te maken. Daarnaast zie ik een enorm potentieel in het identificeren van specifieke workflows waar AI-agents de leiding kunnen nemen. Agents was het modewoord van 2025, maar ze kwamen vaak niet verder dan de directiekamer. Sinds de zomer van 2025 zetten wij bij CROPLAND de eerste generatie functionele workflow-agents in, die steeds vaker worden aangedreven door geavanceerde conversationele AI via zowel tekst als spraak.
In 2026 verwacht ik een doorbraak waarbij agents een tastbare sprong in productiviteit teweegbrengen. Ik ben bijzonder benieuwd hoe gebruikers zich zullen aanpassen aan de interactie met hen — dat zal een gerichte aanpak van verandermanagement vereisen.”
Naar welke ontwikkeling in AI kijkt u persoonlijk het meeste uit?
“De opkomst van intelligente agents die klantgerichte rollen vervullen via conversationele AI. Menselijk talent is een schaars goed, en bedrijven beginnen het eindelijk ook zo te behandelen. Tijdens de pandemie hebben we geleerd dat hybride werken efficiënter kan zijn — ook al suggereert de filevorming tijdens de spits soms anders. Ik geloof dat we nu een ’tweede golf’ van efficiëntie betreden, aangedreven door deze autonome tools.”
Waar ziet u in 2026 de grootste kloof tussen de perceptie en de realiteit van AI?
“Veel organisaties beschouwen AI nog steeds als gewoon het zoveelste IT-project of een mooie chatbot. In werkelijkheid is AI een organisatiemodel. Het is onverbiddelijk; het legt precies bloot waar processen rommelig zijn, data in silo’s zit en beslissingen worden genomen op basis van ‘buikgevoel’.
De grootste kloof is niet technologisch, het is een kwestie van leiderschap en governance. Als uw data en processen niet AI-ready zijn en u toch doorzet, zult u daar op de harde manier achter komen. Dat besef kan echter de katalysator zijn die bedrijven nodig hebben om eindelijk hun zaken op orde te krijgen.”
Wat is de grootste fout die organisaties in 2026 kunnen maken met AI?
“AI gebruiken om een gebrekkig proces te versnellen. Dat is simpelweg het automatiseren van chaos.
De fout is niet een gebrek aan experimenteren; het is voortijdig opschalen zonder een solide fundament. U kunt niet slagen zonder duidelijk eigenaarschap, kwalitatieve data, gedefinieerde beslissingslogica en robuuste GRC (Governance, Risk, and Compliance). Te veel pilots slagen er niet in om productie te bereiken omdat GRC een bijzaak was. Deze kaders bepalen of AI een risico is of een veilig, schaalbaar bedrijfsmiddel.”
Welk advies zou u Vlaamse kmo-leiders geven voor het komende jaar?
“Begin niet bij de ‘AI’. Begin bij de businesscase. Vraag uzelf af:
- Waar nemen we wekelijks voorspelbare, repetitieve beslissingen?
- Welke administratieve processen vereisen nog handmatige gegevensinvoer tussen systemen?
- Waar kan technologie een echt voordeel bieden?
Dat is waar AI thuishoort. Denk groot, begin klein en stap af van de ‘gadget’-mentaliteit. Onthoud ook dat de EU AI Act nu een realiteit is, naast de GDPR. Solide governance is niet zomaar een hindernis, het is de enige manier om ervoor te zorgen dat uw proof-of-concepts de overgang naar een productieomgeving daadwerkelijk overleven.”
Wat motiveert u momenteel het meest in uw werk bij CROPLAND?
“Het feit dat we ondernemers helpen om te stoppen met ‘brandjes blussen’ en te beginnen met bouwen aan de toekomst. We brengen een gevoel van rust en vertrouwen aan tafel.
We zijn al sinds 2013 actief in deze sector, dus we hebben meer dan tien jaar ervaring in digitale transformatie. We weten hoe gestructureerde data leidt tot een concurrentievoordeel. AI mag dan voor veel bedrijven onbekend terrein zijn, voor ons is het ons thuisveld. Te weten dat bedrijfsleiders ons vertrouwen om hen door deze cruciale keuzes te gidsen, dat is wat mij gedreven houdt.”
AI mag dan nieuw zijn voor veel bedrijven, voor ons is het dat niet. Het feit dat bedrijfsleiders en directieleden ons vertrouwen om hen te helpen slimme keuzes te maken, is wat mij echt motiveert.